Nek en hoofdpijn

Nekklachten en hoofdpijn is een veel voorkomende klacht. De oorzaak van deze klachten ligt vaak in overbelasting of verkeerd gebruik van de nekspieren en/of nekgewrichtjes Ook kunnen infecties, ziekten of een ongeval met een plotselinge beweging van de nek de oorzaak van nek pijn zijn. Hoe ziet de nek / hoofd eruit? De nekwervelkolom bestaat uit zeven wervels. Tussen elke twee wervels ligt een tussenwervelschijf. De schijf vormt het gewricht tussen de wervels in de wervelkolom, waardoor deze kunnen bewegen. De schijven dienen daarnaast als schokdempers en verhogen de bewegelijkheid van de nek en sluiten aan op het hoofd. De manueeltherapeut is specialist in het onderzoeken, beoordelen en behandelen van nekklachten en hoofdpijnsydromen. Aandoeningen aan de nek:

De facetgewrichten zijn kleine gewrichtjes van de wervelkolom. Ze verbinden de op elkaar gestapelde wervels met elkaar en zorgen ervoor dat de nek kan bewegen. Pijn aan de facetgewrichten wordt aan de achterkant van de nek – meestal aan een zijde – gevoeld en kan uitstralen naar de schouder. Elke wervel van de wervelkolom vormt samen met een boven- of onderliggende wervel twee facetgewrichten. De gewrichtsvlakken, die zowel links als rechts van de wervel zitten, zijn bekleed met kraakbeen en worden omgeven door gewrichtskapsel.
Wat is osteoartritis?
Osteoartritis wordt ook wel eens arthrosis deformans, degeneratieve artritis genoemd. Het is een vorm van artrose, waarbij het kraakbeen in een gewricht slijt. Het kraakbeen zorgt ervoor dat de botten die bij je gewricht horen soepel over elkaar heen kunnen glijden zodat je je soepel kunt bewegen. Als het kraakbeen beschadigd raakt, kunnen de botten niet meer zo makkelijk over elkaar heen glijden. Door de beschadiging kan het zijn dat het bot van het gewricht dikker of harder wordt, maar er kunnen ook nieuwe stukjes bot (osteofyten) gevormd worden. Daardoor verandert de vorm van je bot. Door de veranderde vorm van het bot kunnen ontstekingsachtige veranderingen ontstaan in de weke delen rond de gewrichten, zoals in de spieren, pezen, kapsels en gewrichtsbanden.
Het cervicale houdingssyndroom kenmerkt zich door pijn in de nek en bovenrug die ontstaat als gevolg van een verkeerde houding. De voornaamste klachten zijn pijn, stijfheid en een gevoel van vermoeidheid in de nek. Een klachtenbeeld wat zich bij een slechte houding kan ontwikkelen is het zgn. TOS sydroom (Thoracic Outlet Syndroom) een sydroom van klachten waarbij de vaat/zenuwstreng wordt beklemt in de nekschouderregio en hierdoor klachten in de arm en hand geeft (tintelingen, verminderde doorbloeding). Mensen die te maken hebben met het cervical houdingssyndroom of TOS klachten hebben veel baat bij manuele therapie in combinatie met oefentherapie en houdingsinstructie.
Bij een cervicale radiculopathie raakt een zenuwwortel in de nek zodanig bekneld dat in het verzorgingsgebied van de zenuw klachten ontstaan. Dit voelt men meestal in de nek, arm en hand. De bekendste vorm van een cervicale radiculopathie is de nekhernia. Verschillende factoren kunnen compressie van een zenuwwortel veroorzaken. Meestal gebeurt dit door een nekhernia. In de link hieronder vindt u duidelijke tekst en uitleg over de nekhernia.

Rugpijn

Rugklachten zijn de meest voorkomende klachten aan het houdings en bewegingsapparaat. Bijna alle volwassenen (80-90%) heeft wel eens last van rugpijn of een episode van rugklachten (met of zonder uitstraling naar billen of benen). Rugklachten die beginnen tussen het twintigste en vijftigste  levensjaar, ontstaan vaak door verkeerd gebruik of overbelasting. Uit wetenschappelijk onderzoek is gebleken dat rugklachten vaak mulifactoreel van aard zijn en dat stressfactoren een belangrijke rol kunnen spelen bij het ontstaan van klachten en ook het herstel hiervan. Bij slechts 5 procent van alle rugklachten is er sprake van pathologie (ziekte of afwijking) hernia, een wervelbreuk, een ingeklemde zenuw door ingezakte tussenwervelschijven of ernstige slijtage van de rug. De fysiotherapeut kan u helpen bij het in kaart brengen van uw klachten en een behandelplan samen met u opstellen. Soms is diagnostiek (rontgenfoto of mri) nodig om de diagnose te kunnen stellen, dit zal dan met u en uw arts worden besproken. Voor de meeste lage rugklachten (90%) is geen specifieke structuur aan te wijzen die de rugpijn veroorzaakt. Het hebben van pijnklachten is een complex geheel waar meerdere factoren een rol spelen. Het krijgen van pijnklachten en de effecten hiervan op het functioneren is per person zeer verschillend, ieder mens is uniek hierin. De fysiotherapeut kan helpen samen met u een adequaat behandelplan op te stellen. Maak hier een afspraak voor een intake & onderzoek.

Aandoeningen aan de rug:

Aspecifieke lage rugpijn is rugpijn die zich bevindt tussen de onderste ribben en bilplooien (eventueel met uitstraling in het been) waarvoor geen specifieke lichamelijke oorzaak op valide wijze kan worden aangetoond. Veelal is de oorzaak van aspecifieke lage rugklachten te vinden in overbelasting van spieren en/of gewrichten van de lendewervelkolom of borstwervelkolom. De fysiotherapeut kunt u helpen met in kaart brengen van uw klachten en een passend behandelplan samen met u op te stellen. Voor aspecifieke lagerugklachten heft Fysio-Aktief een specifiek beweegprogramma ontwikkeld (Rug Revalidatie Training). Dit programma bestaat uit specifieke training om uw rug belastbaarheid te vergroten.
Specifieke lage rugpijn (aantoonbare lage rugklachten) Bij specifieke lage rugpijn is er sprake van pijn in de onderrug waar de oorzaak van klachten zichtbaar is en is gediagnosticeerd, We kunnen dus structuren en/of mechanismen aanwijzen die tot de lage rugklachten leiden. Een MRI scan of rontgenfoto kunnen een duidelijk beeld geven hoe de kwaliteit is van de wervelkolom. Onder specifieke lagerugpijn vallen o.a:
-Lumbale kanaalstenose (uitstralingspijn in beide benen)
-Lumbale hernia
-Spondylolisthesis (verschoven lumbale wervel)

Schouderpijn

Een normale schouder in goede conditie kan goed en pijnloos bewegen. In richtingen. De oorzaak van schouderklachten kan divers zijn, schouderpijn kan veroorzaakt worden door bijvoorbeeld een beschadiging, ontsteking, slijtage of een blessure. Het merendeel van de mensen die last hebben van de schouder heft te maken met zogenaamde aspecifieke of mild specifieke schouderpijn, dit wil zeggen dat er geen structuren in de schouder kapot zijn maar er sprake is van overbelasting of verkeerd gebruik. 
De schouder is een complex gewricht. In het menselijk lichaam is de schouder het meest beweeglijke gewricht. Het gewricht bestaat uit drie delen, namelijk: de schouderkop, de schouderkom en de spieren en pezen (rotator cuff). Om het schoudergewricht heen ligt een kapsel.

Klachtenbeelden:

De frozen shoulder

‘Frozen shoulder’, letterlijk vertaald ‘bevroren schouder’, is een algemene term voor bewegingsverlies in de schouder. Als je last hebt van een frozen shoulder, kun je je schouder en arm slecht gebruiken. Vaak beginnen de klachten met een pijnlijke en stijve schouder. Plotseling kan er een hevige pijn in de schouder optreden, waardoor je je arm niet of nauwelijks kunt bewegen. Je kunt de arm dan niet goed heffen en draaien door een tekort aan bewegingsruimte in het gewricht.

De oorzaken van een frozen shoulder zijn niet altijd bekend, maar kunnen te maken hebben met een onderliggend ontstekingsproces. Een frozen shoulder kan ontstaan:
• Na een val of na ontwrichting van de schouder.
• Als reactie op een peesontsteking of slijmbeursontsteking aan de schouder.
• Na een beroerte.
• Na een langdurige bewegingsbeperking als gevolg van een ongeluk of operatie aan het schoudergewricht.
In feite kan elke situatie die je ervan weerhoudt de schouder of arm te bewegen een risico vormen en mogelijk leiden tot een frozen shoulder. Maar niet altijd valt er een duidelijke oorzaak aan te wijzen. Uit studies is gebleken dat een frozen shoulder vaker voorkomt bij mensen met:
• Diabetes.
• Hartproblemen.
• Schildklieraandoeningen.

Impingement syndroom

Waardoor ontstaat een impingement? Dit kan zijn oorzaak vinden in een te nauwe ruimte onder het schouderdak. Soms is die vernauwing aangeboren, soms ontstaat het door aangroei van bot. Vooral bepaalde sporten en beroepen waarbij de schouder vaak hoog wordt geheven kunnen een extra overbelasting van de schouderstructuren geven.

Een tweede reactie bij een irritatie kan zijn het optreden van verkalkingen. Door continue kleine beschadigingen in de slijmbeurs of de pees ontstaan verkalkingen. Deze hebben de consistentie van tandpasta, zijn dus niet hard, zoals we dat bij kalk zouden denken. Indien de slijmbeurs geïrriteerd raakt, zal deze ook nog verdikken. De krappe ruimte zal nu alleen nog maar kleiner worden. We zullen nu bij alle bewegingen een inklemmen van de slijmbeurs en pezen krijgen. Welke klachten krijgen we bij impingement? Belangrijkste klachten zijn pijn en bewegingsbeperking. Vaak is de aanleiding een simpele overbelasting. De pijn is eerst in korte episoden aanwezig, doch wordt daarna meer constant. De pijn treedt op wanneer we de arm van het lichaam af bewegen en wanneer we werkzaamheden boven schouderhoogte uitvoeren. Geleidelijk zullen we ook ’s nachts pijn krijgen wanneer we op de schouder liggen en ons omdraaien. Opvallend is vaak een pijnlijk traject in de beweging de zogenaamde painfull arc, waarboven de pijn dan weer weg is. Wanner we de arm gebruiken op buikhoogte is er niets aan de hand. Bij een scheur in de rotator cuff kunnen we de arm niet meer krachtig in de schouder optillen.Behandeling:

Meestal (in 70 % van de gevallen) gaat de irritatie of prikkeling vanzelf over met rust. Eventueel kunnen pijnstillers verlichting geven. Fysiotherapie is noodzakelijk bij hardnekkige impingement om de schouderfunctie te optimaliseren. Dit kan een langdurig traject zijn omdat overbelasting op de loer ligt. Bij onvoldoende verbetering met fysiotherapie en medicatie is er in sommige gevallen een operatieve ingreep geïndiceerd.

Tendinitis (peesontsteking)

Wat is peesontsteking? Pezen zitten aan het eind van je spieren en verbinden je spieren met je botten. Een peesontsteking (tendinitis) kan overal ontstaan, maar komt meestal voor in de pols, schouder, hiel, elleboog of knie. Bij een peesontsteking kan je meestal precies aanwijzen waar de pijn zit. Oorzaak van peesontsteking

Een peesontsteking kan verschillende oorzaken hebben:

Blessure of overmatige prikkeling
Je kan een peesontsteking oplopen door een blessure of overmatige prikkeling van je pees of spier. Bijvoorbeeld als je een bepaalde beweging steeds herhaald of een spier teveel belast door te fanatiek sporten. Peesontsteking is ook vaak een onderdeel van RSI (Repetitive Strain Injury).

Lichamelijke factoren
Ook kunnen lichamelijke factoren zoals een beenlengteverschil of een voetafwijking een peesontsteking veroorzaken. Ook een onderliggende reumatische aandoening kan een rol spelen.

Botten en gewrichten
Vooral bij mensen boven de veertig kunnen instabiele gewrichten of botontkalking (osteoporose) ook een rol spelen.

Peesontsteking en slijmbeursontsteking
Een peesontsteking lijkt veel op een slijmbeursontsteking. Allebei hebben ze te maken met een blessure of overbelasting van je spier. In beide gevallen zwelt je pees op en gaat het ontsteken. Het verschil tussen peesontsteking en slijmbeursontsteking is het soort pijn: bij een slijmbeursontsteking is de pijn vrij dof terwijl de pijn bij een peesontsteking heel scherp is. Vaak komen de ontstekingen ook samen voor.

Heuppijn

Heupklachten en heuppijn komen veel voor op alle leeftijden. De klachten zijn vaak het gevolg van slijtage (artrose), slijmbeursontsteking, overbelasting of een afwijking van het heupgewricht. Het heupgewricht bestaat uit een stevige kom (deel van het bekken) en de kop (deel van het bovenbeen). Deze botstructuren zijn omgeven door stevig kapsels/banden en spiersystemen. Met dagelijkse inspanning (lopen, fietsen, springen en tillen) belast u het heupgewricht, dit kan leiden tot overbelasting of klachten. Als het vermoeden bestaat van degeneratieve heupklachten (artrose) of heupklachten waarbij structuren beschadigd zijn is diagnostiek (röntgenfoto) noodzakelijk. Echter veel heupklachten zijn zgn. aspecifieke klachten, hierbij is er geen sprake van kapot weefsel maar overbelasting, ontsteking of verkeerd gebruik. Heeft u te maken met heupklachten kunt u de fysiotherapeut raadplegen. Uw therapeut kan na een onderzoek en diagnose u een goed advies geven over de beste behandeling en hoe om te gaan met uw klachten.

Hieronder vindt u een aantal veel voorkomende klachtenbeelden:

Coxartrose is een degeneratieve gewrichtsaandoening waarbij het kraakbeen van de heup is versleten. Kraakbeen bevindt zich in gewrichten en zorgt ervoor dat de oppervlak van verbinding glad is, waardoor de beweging van botten goed en vlekkeloos kan verlopen. Kraakbeen is dus iets anders dan bot. Bij coxartrose neemt het kraakbeen in het heupgewricht af in dikte, heupartrose wordt daarom ook soms heupslijtage genoemd. Bij zeer ernstige gewrichtsslijtage is het zelfs zo dat het bot kan worden aangetast, de beschermende werking van het kraakbeen is dan verdwenen. In het heupgewricht bevindt zich kraakbeen op het ronde, bovenste gedeelte van het bot van het bovenbeen (de heupkop) en op de heupkom, wat onderdeel is van het bekken (de heupkom wordt ook wel het acetabulum genoemd). Samen vormen deze twee onderdelen het heupgewricht, een gewricht waarin een de heupkop kan draaien in de heupkom. Daartussen bevindt zich nog de meniscus (een Hoe ontstaat Coxartrose Artrose, oftewel gewrichtsslijtage, ontstaat doordat er meer gewrichtskraakbeen verloren gaat dan er aangemaakt wordt door het lichaam. Als mensen ouder worden verslechtert het kraakbeen of verdwijnt het soms helemaal zodat het onderliggende bot gedeeltelijk bloot komt te liggen. Een gevolg hiervan is dat ook de gewrichtsvloeistof vermindert. De functie van de gewrichtsvloeistof is het soepel laten bewegen van het gewricht. Als gevolg van de slijtage van het kraakbeen en het verminderen van de gewrichtsvloeistof kunnen de botstukken over elkaar gaan schuren, wat veel pijn als gevolg heeft.

Oplossingen en behandeling
Bij lichte coxartrose is behandeling fysiotherapie zeer effectief. De behandeling richt zich op het mobiliseren van het gewricht en het sterk houden van de spieren om het gewricht heen middels oefentherapie. Soms wordt er geadviseerd door uw behandeld arts om gebruik te maken van pijnstillende of ontstekingsremmende medicatie als aanvulling op de behandeling fysiotherapie. Als de er sprake is van ernstige slijtage is soms een operatie noodzakelijk.

Liespijn is een veel voorkomend problem, voornamelijk bij jonge sporters. Dit komt waarschijnlijk omdat de liesstreek een druk anatomisch kruispunt is van de verschillende structuren, welke zich op de grens van de buik, de buikholte en het bovenbeen c.q. bekken bevinden. U kunt daarbij denken aan de botten, de zenuwen, de spieren en pezen, de bloedvaten, maar ook de inwendige buikorganen. De oorzaak van liespijn kan divers zijn,(gewrichten, pezen,/kapsels en organen). De manueeltherapeut is specialist in het beoordelen van gewricht , spier en zenuwdisfuncties. De wervelkolom, het bekken en heupgewricht kunnen betrokken zijn bij liesklachten en dienen onderzocht te worden om een duidelijke diagnose te kunnen stellen. Na het onderzoek en diagnose wordt er samen met u een behandelplan opgesteld welke kan bestaan uit; manuele therapie, oefentherapie aangevuld met dry needling.
Bursitis van de heup heet ook wel bursitis trochanterica. Bursitis kan ook voorkomen in de knie, elleboog of schouder. Rondom het heupgewricht liggen een aantal spieren: de bilspieren en de dijbeenspieren. Aan de buitenzijde van de bovenkant van het dijbeen bevindt zich een grote botpunt (trochanter major). Over deze botpunt loopt de pees van een spier, de musculus tensor fasciae latae, de spanner van het peesblad van het bovenbeen. Op deze plek waar wrijving ontstaat tussen spieren, pezen en botten, zit een slijmbeurs (bursa). Een slijmbeurs is een klein zakje met vloeistof dat als smeermiddel fungeert. Als er overbelasting van de heup bestaat of na een val kan er een slijmbeursontsteking (bursitis) ontstaan. Ook bij arthrose komt slijmbeursontsteking ook relatief gezien vaker voor. Bij een slijmbeursontsteking in de heup bevindt de pijn zich aan de buitenkant van het bovenbeen. De behandeling van een bursitis bestaat in eerste instantie uit rust, eventueel een injectie en fysiotherapie.

Knieklachten

Knieklachten komen relatief veel voor. Het kniegewricht is een gewricht wat in ADL (algemeen dagelijks leven) relatief veel belast wordt. Grofweg zijn er twee soortenknieklachten;  acute knieklachten (traumatisch) en knieklachten door overbelasting. Bij acute klachten (traumatisch) is het gewricht waaronder de meniscus en kruisbanden vaak betrokken. Bij overbelasting klachten spelen de spieren en pezen vaak een grote rol. Een derde groep knieklachten is de chronische knieklachten of basis van degeneratie of slijtage.

De behandeling van knieklachten begint bij het vraaggesprek (anamnese) hierin wordt duidelijk of er sprake is van traumatisch letsel of overbelasting. Bij overbelasting klachten kan diagnostiek middels echografie een mooie aanvulling zijn om een duidelijke diagnose te stellen. Bij traumatische knieklachten met het vermoeden van letsel zal de diagnose gesteld worden door een arts of specialist middels verder onderzoek (röntgenfoto of MRI scan). Na het onderzoek en de diagnose wordt er samen met u een behandelplan opgesteld welke kan bestaan uit; oefentherapie, manuele mobilisaties van het gewricht en de weke delen.

Hieronder vindt u een aantal veel voorkomende klachtenbeelden:

De voorste kruisband is één van de vier stabiliserende banden (ligamenten) van de knie. De voorste kruisband bevindt zich centraal in de knie. Daar loopt hij schuin voor de achterste kruisband. De voorste kruisband verbindt de achterkant van het bovenbeen met de voorkant van het scheenbeen.
Door zijn ligging zorgt de voorste kruisband ervoor dat:
– het scheenbeen niet naar voren kan bewegen ten opzichte van het bovenbeen
– het scheenbeen niet te ver kan draaien ten opzichte van het bovenbeen. De voorste kruisband geeft daardoor stabiliteit aan de knie bij voor- en achterwaartse bewegingen en bij draaibewegingen. Daarnaast ondersteunt hij de binnen- en de buitenband, die ook stabiliteit bieden aan de knie.

Een gescheurde voorste kruisband is een ernstig letsel van de knie. Het gaat vaak gepaard met letsels van andere banden, de meniscus of het kraakbeen. Onderzoek door een gespecialiseerde een kniespecialist is gewenst.

Oorzaken voorste kruisbandletsel:
Sportletsels vormen de belangrijkste oorzaak. Veldvoetbal, zaalsporten (basketbal, handbal, korfbal) op de eerste plaats als oorzaak voor het kruisbandletsel. Ongevallen in het verkeer komen ook vaak voor als oorzaak van kruisbandletsel. Soms hoort de patiënt een knap of knoep of scheurend geluid en heeft het gevoel of het bovenbeen even loskomt van het onderbeen.

Oplossingen bij een voorste kruisbandletsel:
Als de knie meer stabiliteit nodig heeft dan met fysiotherapie kan worden bereikt of als de orthopeed inschat dat de knie zonder operatie te veel schade zal oplopen, wordt besloten tot een reconstructie van de voorste kruisband. Hierbij wordt arthroscopisch (knie kijkoperatie) de gescheurde kruisband door uw eigen pees of pezen vervangen. Voor het optimaal herstel na een VKB hersteloperatie is intensieve fysiotherapie nodig voor een aantal maanden. Bij Fysio-Aktief bent u bij het juiste adres voor deze revalidatie.

Binnenste knieband gescheurd (MCL letsel)
Letsel aan de binnenste knieband kan ontstaan indien er (plotseling) grote kracht op de buitenzijde van de knie wordt uitgeoefend. Door de kracht op de buitenzijde wordt de binnenzijde van de knie uit elkaar geduwd waardoor grote druk op de binnenste knieband komt te staan. Als de druk te groot wordt kan de knieband uitgerekt worden of zelfs scheuren. Een scheur van de binnenste knieband kan in het midden ontstaan maar ook bij de aanhechting aan het bot.

Symptomen gescheurde binnenste knieband
Iemand die zijn binnenste knieband scheurt voelde veelal de band scheuren en voelt pijn aan de binnenkant van de knie en de knie is gezwollen. Daarnaast voelt de knie soms instabiel aan. De meeste mensen met een gescheurde binnenste knieband kunnen ondanks de pijn nog wel lopen.

Diagnose gescheurde binnenste knieband
Een gescheurde binnenste knieband wordt vastgesteld aan de hand van lichamelijk onderzoek. In sommige gevallen kan het onderzoek pas na een week uitgevoerd worden omdat de knie te gezwollen of te pijnlijk is om te onderzoeken. Indien er onduidelijkheid is over het letsel kan de diagnose ook met behulp van röntgenfoto’s of een MRI-scan gedaan worden.

Letsels aan de binnenste knieband kunnen ingeschaald worden in drie gradaties.

Graad 1 binnenste knieband letsel
Graad 1 is een overrekking van de binnenste knieband met lichte pijnklachten. Er is geen duidelijke instabiliteit van de knie.

Graad 2 binnenste knieband letsel
Graad 2 is een gedeeltelijk gescheurde binnenste knieband waarbij de continuïteit van de band wel is behouden. De afzonderlijke vezelbundels zijn gescheurd en/of opgerekt en er is een geringe instabiliteit.

Graad 3 binnenste knieband letsel
Graad 3 is een volledig afgescheurd binnenste knieband waarbij er geen sprake meer is van continuïteit van de band en er sprake is van een duidelijke instabiliteit van de knie.

Behandeling binnenste knieband letsel:
Behandeling van letsels aan de kniebanden zijn voornamelijk conservatief. De knie zal tijdelijk worden ondersteund door een brace of zwachtel. Na de ontstekingsfase zal geleidelijk de knie weer belast en getraind moeten worden. In de trainingsfase heeft de fysiotherapeut een belangrijke rol, deze ondersteund u bij het doen van de juiste oefeningen op weg naar een normale belastbaarheid.

Een meniscus ruptuur is een scheur in de binnen- of buitenmeniscus. De binnen- en buitenmeniscus zijn belangrijke schokdempers en stabilisatoren van het kniegewricht.

Oorzaken:
Een meniscus ruptuur kan veroorzaakt worden door een letsel van de knie terwijl het onderbeen het gewicht draagt. Door langzame slijtage en vermindering van de elasticiteit van de meniscus kan op oudere leeftijd zelfs zonder voorafgaand letsel van de knie een scheur in de meniscus ontstaan.

De meeste meniscusscheuren treden echter vooral op bij jonge volwassenen, meestal tijdens het sporten. Een scheur in de binnenmeniscus treedt vijf keer zo vaak op dan in de buitenmeniscus. Dit wordt waarschijnlijk veroorzaakt door het feit dat de binnenmeniscus minder mobiel is doordat deze aan de binnenband vast zit in tegenstelling tot de laterale meniscus die los ligt van de buitenband.
Een meniscusscheur kan in combinatie optreden met een bandletsel. Meestal de voorste kruisband of de binnenband.

Klachten:
De pijn is meestal de hele dag aanwezig en wordt verergerd bij hurken, traplopen of draaien. Vaak i s er ook nachtpijn, instabiliteit (zwikken). Wanneer een deel van de kapotte meniscus los schiet of omklapt, kan dit deel klem raken in het gewricht. De knie kan dan niet meer gestrekt worden. Dit noemt men een slotverschijnsel van de knie. Snelle beoordeling is dan aangeraden.

Hoe wordt een meniscus beschadiging door de arts vastgesteld?

Bij het lichamelijk onderzoek is er vaak drukpijn aan de binnenzijde van de knie. Door middel van specifieke testen kan er een inschatting worden gemaakt of de meniscus is aangedaan of dat er een andere oorzaak is. De gouden standaard is echter de MRI scan en zal deze bijna altijd plaatsvinden bij verdenking op meniscus of knieband letsel.

Wat is er aan te doen?
Indien er sprake is van een meniscusscheur en de klachten niet verbeteren middels conservatieve therapie (fysiotherapie en medische trainingstherapie) is een kijkoperatie een mogelijkheid.
Uw arts of specialist kan u hier goede informatie over geven.

Voor een afspraak met de fysiotherapie voor beoordeling van uw klachten klikt u hier

Mediaal Collateraal Ligament (MCL)

Een verdraaiing van de knie kan een oprekking van de binnenband van de knie veroorzaken. Deze band heet mediaal collateraal ligament (MCL). MCL letsel kan leiden tot een instabiel gevoel bij zijdelings bewegen van de knie bij sport of dagelijkse activiteiten. Een tijdige diagnose van dit letsel is belangrijk omdat de MCL volledig kan genezen bij vroegtijdige behandeling.

Mediaal kniebandletsel

Oprekking van de binnenband van de knie (mediaal collateraal ligament = MCL) kan tot stand komen bij plotselinge zijdelingse beweging van de knie bij een val, verdraaiing of sportblessure.
De klachten zijn; pijn aan de binnenzijde van de knie, soms ook gepaard gaand met een bloeduitstorting. Het letsel gebeurt vaak bij pivot sport (sporten met veel draaibewegingen zoals voetbal, hockey, korfbal en zaalsporten). MCL letsels komen voor op alle leeftijden en kunnen voorkomen samen met letsel van de meniscus, voorste en/of achterste kruisband.

Behandeling:
Het stellen van de juiste diagnose is bepalend voor de behandeling, duur van het herstel en de prognose voor (sport)activiteiten in de toekomst. MCL letsels worden ingedeeld in 3 typen: MCL graad 1 is alleen pijn zonder instabiliteit. Dit gaat vanzelf over binnen 4-6 weken. Bij MCL graad 2 is er sprake van een matige instabiliteit en MCL graad 3 getuigt van een ernstig letsel met forse zijdelingse instabiliteit van de knie. MCL Graad 2 en 3 letsels gaan niet spontaan over. Het stellen van de juiste diagnose is van uiterst belang voor het herstel van graad 2 en graad 3 letsel. Deze letsels kunnen (mits snel gediagnosticeerd) herstellen met een kniebrace ter stabilisatie.

De fysiotherapeut kan u helpen bij het diagnosticeren van en behandelen na een knieband verrekking.

Artrose van de knie (gonarthrosis)

Artrose van de knie wordt in de medische wereld ook wel gonarthrosis genoemd en is een artrotische afwijking van het kraakbeen in het kniegewricht. Deze afwijking ontstaat bij overbelasting en veroudering en er kunnen zich soms ook ontstekingsverschijnselen voordoen. In dat geval wordt de knie rood en kan gezwollen zijn en bovendien is er sprake van pijn.

Oorzaak van artrose van de knie:

Knieartrose wordt veroorzaakt door de degeneratieve veranderingen van het kniegewricht bij het ouder worden. Daarbij betekent een hoger lichaamsgewicht meer problemen met de knie, omdat deze dan zwaarder belast wordt.

Diagnose van artrose van de knie:

De omschrijving van de klachten en symptomen, lichamelijk onderzoek van de knie en een röntgenfoto geven al snel een vrij duidelijk beeld van het probleem en vormen een goede basis voor een diagnose.

Behandeling van gonartrosis:

De conservatieve behandeling bij gonartrosis bestaat uit fysiotherapie, eventueel in combinatie met pijnstilling of ontstekingsremmers. In geval van (ernstig)overgewicht is het van uiterst belang af te vallen.

Het patellofemoraal pijnsyndroom is een veel voorkomende aandoening van de knie. Er ontstaat irritatie achter de knieschijf aan de voorzijde van de knie. De irritatie ontstaat vooral bij buiging van de knie als de knieschijf meer onder spanning staat. Activiteiten die deze klachten veroorzaken zijn vaak traplopen, fietsen tegen de wind in of hurken. Het kan op alle leeftijden voorkomen en komt bij meisjes iets vaker voor dan bij jongens, houdingsafwijkingen van de knieën kunnen hiervan de oorzaak zijn.

Diagnose en behandeling

De diagnose pfps (patella femoraal pijnsyndroom) kan worden gesteld op basis van het verhaal van de klachten aangevuld met een lichamelijk onderzoek. Op een röntgenfoto zijn de klachten niet zichtbaar, dit kan wel gebruikt worden om andere aandoeningen uit te sluiten.

De behandeling van pfps is voornamelijk conservatief en bestaat uit fysiotherapie (ter verbetering van kracht, coördinatie & stabiliteit) in combinatie met MTC (medical tape) om de knieschijf te sturen in stand en beweging.

De jumpers knee (springersknie)

Een kniepeesontsteking (patellapees tendinitis) is een veel voorkomend sportletsel, onder andere bij springsporten als basketbal en volleybal. Het komt ook vaak bij voetballers en hardlopers voor. Vandaar de naam jumpers knee.

De dijspier (“quadriceps”), knieschijf (“patella”) en de patellapees vormen het strekapparaat van de knie. De patellapees loopt van zijn oorsprong op de knieschijf onderaan naar het onderbeen waar ze aanhecht op een beenderige knobbel, de zogenaamde tuberositas. De patellapees is één van de dikste en sterkste pezen van het lichaam.

Door het normaal dagelijks gebruik en nog meer bij (sport)inspanning ontstaan microscheurtjes die normaal vlot genezen. Wanneer door overbelasting dergelijke scheurtjes te snel op elkaar volgen of te groot worden kan de natuurlijke genezing niet volgen en ontstaat een ontstekingsreactie die eigenlijk een overdreven helingsreactie is. Een ontsteking kan snel en hevig zijn (“acuut”) of langzaam en zeurend (“chronisch”).

Diagnose & behandeling

De diagnose jumpers knee kan worden gesteld op basis van het verhaal aangevuld met beeldvormende diagnostiek (echografie). De behandeling van deze klachten is meestal conservatief. Het verminderen van de (over)belasting op de knie in combinatie met fysiotherapie (ijsapplicatie, excentrische rekoefeningen en stabiliteitstraining).

Overige klachtenbeelden

Staat uw klachten niet op onze website vermeld?

De vermelding van klachten op onze website is een opsomming van veel voorkomende klachten. Ieder mens is uniek en elke klachten is individueel verschillend, en zo is het behandelplan ook. Maatwerk is hier het kernwoord. Fysiotherapie wordt ook veel gebruikt bij de behandeling van klachten van het interne systeem (organen). Vaak zijn de gevolgen van interne klachten of ziekte dat het lichaam minder belastbaar wordt, dit heeft veel gevolgen voor spieren en gewrichten.

Bewegen (opbouw van conditie, kracht en coördinatie) heeft een belangrijke rol in de behandeling van:

Wat is COPD?
Bij COPD zijn uw longen beschadigd. Ademen is moeilijker en u heeft minder energie. De afkorting COPD staat voor Chronic Obstructive Pulmonary Disease (Chronische Obstructieve Long Ziekte).
Als u COPD heeft ademt u moeilijker omdat uw longen beschadigd zijn. U heeft minder zuurstof. Daardoor kunnen normale dingen lastig zijn. Zoals traplopen, boodschappen doen of aankleden.

COPD is een verzamelnaam voor:
Chronische bronchitis
Bij chronische bronchitis zijn uw bronchiën steeds ontstoken. De bronchiën zijn de vertakkingen van uw luchtpijp naar uw longen. Daardoor maakt uw lichaam meer slijm aan en is ademhalen lastiger.

Longemfyseem
Bij longemfyseem of emfyseem gaan er langzaam longblaasjes verloren. De longblaasjes zorgen ervoor dat zuurstof na het inademen in uw bloed komt. En dat u afvalstoffen weer kunt uitademen. Hoe minder longblaasjes er zijn, hoe moeilijker dit wordt. Hierdoor kunt u het benauwd krijgen.

Diagnose en behandeling:
De diagnose van COPD wordt gesteld door een arts of specialist (longarts) op basis van het klinisch beeld en diagnostiek (longfunctietest of spirometrie).
De behandeling van COPD is veelal een multidisciplinaire behandeling, dit betekent dat er meerdere hulpverleners een rol hebben in de behandeling (longarts, huisarts/poh, fysiotherapeut).
COPD is een chronische progressieve aandoening en kan niet genezen, fysiotherapie is in veel gevallen bij geïndiceerd om fysieke functies te behouden (kracht en conditie).

Ketenzorg COPD Woerden e.o

Fysiotherapie is opgenomen in de ketenzorg COPD in Woerden dit betekent dat er in Woerden een nauwe samenwerking bestaat tussen huisartsen/poh, fysiotherapeuten en diëtisten om in multidisciplinair verband de patiënten met COPD te behandelen.

Wilt u starten met een revalidatie of trainingsprogramma? Fysio-Aktief biedt specifieke trainingsprogramma’s aan voor mensen met COPD

Neem hier contact met ons op.

Over obesitas

Obesitas wordt omschreven als “een chronische ziekte waarbij een zodanige overmatige vetstapeling in het lichaam bestaat dat dit aanleiding geeft tot gezondheidsrisico’s. De overmatige vetstapeling wordt veroorzaakt door een verstoring in de energiebalans, de hoeveelheid voedsel die wordt geconsumeerd overstijgt de hoeveelheid die nodig is voor de lichamelijke activiteit. Obesitas is sinds 1998 officieel geregistreerd als chronische ziekte.

Wanneer heeft iemand obesitas?

Met de ‘Body Mass Index’ (BMI) kan de verhouding tussen de lengte en het gewicht van een persoon worden berekend. Deze berekening geeft een goede indicatie of er sprake is van (ernstig) overgewicht. Bij een BMI tussen de 18,5 en de 25 is sprake van een gezond gewicht, bij een BMI tussen de 25 en de 30 heeft men overgewicht en een BMI van 30 of hoger betekent dat men obesitas heeft. Wanneer de BMI 40 of hoger is spreken we van morbide obesitas, ofwel ziekelijk overgewicht. Ook bij een BMI van 35 kan er sprake zijn morbide obesitas, indien zich door overgewicht veroorzaakte gezondheidsklachten voordoen. Hierbij valt bijvoorbeeld te denken aan diabetes, gewrichts-problemen, hoge bloeddruk en hart- en vaatziekten.

De behandeling van obesitas is per definitie een multidisciplinair traject (meerdere hulpverleners).
Bij Fysio-Aktief hebben wij een programma ontwikkeld waarin beweging, voeding en gedrag gezamenlijk worden behandeld. Het GIE (Gewicht In Evenwicht) behandelprogramma duurt 12 weken en is onder begeleiding van fysiotherapeut, diëtiste en psychologe.
U kunt zicht hier aanmelden voor het programma of informatie aanvragen.

De fysiotherapeut helpt u met het opbouwen van uw belastbaarheid. In sommige gevallen is fysiotherapie alleen niet voldoende en is de fysiotherapeut onderdeel van een multidisciplinair team van behandelaars. Veelal wordt hier samen gewerkt met artsen, POH (praktijkondersteuner) diëtiste en psycholoog.